Aegean Dreams
( English below )
Het was ergens in 1988 of 1989, in Antalya. Met mijn oom Semih, mijn moeder, mijn tante, mijn neef en mijn nicht maakten we een bijzondere reis. Eerst een lange busrit, waarschijnlijk vanuit Lara, zo’n twee uur lang, en daarna nog anderhalf uur op een boot — midden in de verzengende hitte van de Turkse zomer, waar de zon als vloeibaar goud over de Egeïsche Zee scheen.
We kwamen aan bij de plek waar de oude stad Myra ligt. Daar stapten we de eeuwenoude kerk van Sint-Nicolaas binnen. Een man die zijn leven wijdde aan het bestrijden van armoede en het geven van geschenken — een traditie die in Europa nog altijd springlevend is.
Van daaruit trokken we de bergen in. Duizenden treden omhoog, tot we een oud klooster bereikten. Het uitzicht daarboven was alsof je uitkeek over een wereld uit een ander tijdperk: bergen die in de verte in zee leken te verdwijnen, olijfbomen die in de wind fluisterden, en een horizon die door mythen en verhalen werd gedragen. Daar, op die plek, werd mijn fascinatie voor de Griekse en Romeinse mythologie geboren.
Het was ook de vakantie waarin ik mijn eerste steen meenam als aandenken — een klein stukje van een wereld waar ik verliefd op werd. Later woonde ik zes jaar in Bodrum, en verdiepte ik me in de verhalen van Troje en de helden van de Trojaanse oorlog, van Efeze met zijn tempels en theaters, en van de goden van de Olympus. Het hele gebied rond de Egeïsche en Middellandse Zee voelt voor mij als een levend geschiedenisboek, waarin elke kustlijn en elke baai een verhaal te vertellen heeft.
En nu, zoveel jaar later, zit ik op Kreta. Een prachtig resort aan het strand, met uitzicht over het azuurblauwe water van de Egeïsche Zee, dat onder de zon sprankelt alsof het vol ligt met edelstenen. Het klimaat is warm maar niet verstikkend, de lucht doordrenkt met de geur van dennenbomen en wilde kruiden. In de verte lopen geiten, schapen en ezels over de berghellingen, en boven de dorpen wiegt de wind door eeuwenoude cipressen.
Het eten is verrukkelijk, de mensen hartelijk en gastvrij. Ik proef hier niet alleen de smaken van de Middellandse Zee, maar ook de ziel van een gebied dat al duizenden jaren mensen inspireert en verhalen voortbrengt.
Ik kijk om me heen en denk: hoe mooi is dit? Hoe dankbaar ben ik dat ik hier mag zijn, dit mag meemaken en ervan mag genieten.
English version
It was somewhere around 1988 or 1989, in Antalya. I was there with my uncle Semih, my mother, my aunt, my cousin, and my niece. We set off on a special journey — first a long bus ride, probably from Lara, about two hours, and then another hour and a half by boat, under the blazing Turkish summer sun, where the light shimmered like liquid gold over the Aegean Sea.
We arrived at the ancient city of Myra, where we stepped inside the centuries-old Church of Saint Nicholas — a man who devoted his life to fighting poverty and giving gifts, a tradition still very much alive across Europe.
From there, we climbed into the mountains. Thousands of steps led us up to an old monastery, with a view that felt like looking into another era: mountains melting into the sea, olive trees whispering in the wind, and a horizon shaped by myths and legends. It was there that my fascination with Greek and Roman mythology began to grow.
It was also the holiday when I took my very first stone home — a small piece of a world I had fallen in love with. Years later, I lived for six years in Bodrum, diving deeper into the stories of Troy and its legendary heroes, of Ephesus with its temples and theaters, and of the mighty gods of Olympus. The whole region around the Aegean and the Mediterranean feels like a living history book, where every coastline and every bay has its own tale to tell.
And now, so many years later, I’m in Crete. A beautiful resort by the beach, overlooking the azure-blue waters of the Aegean Sea, sparkling under the sun as if scattered with gemstones. The climate is warm but never suffocating, the air rich with the scent of pine trees and wild herbs. In the distance, goats, sheep, and donkeys wander across the hillsides, while the wind dances through ancient cypress trees above the villages.
The food is delicious, the people warm and welcoming. Here, I taste not only the flavors of the Mediterranean but also the soul of a place that has inspired people and stories for thousands of years.
I look around and think: how beautiful is this? How grateful I am to be here, to experience this, and to soak it all in.