De eerste keer dat ik de zee zag
English Below
Het waren de jaren ’80 en ’90. Ik was een kind van vijf, zes jaar oud, opgegroeid in Ankara. Vakantie vieren was in die tijd in Turkije helemaal niet vanzelfsprekend. Geen resorts, geen all-inclusive. Als er al vakantie was, dan in een klein pension, bij vrienden, of in een eenvoudig hotelletje. Eerst moest er thuis flink gerekend worden: is er wel geld, hoe lang kunnen we weg? Mijn vader was ondernemer, dus als hij niet werkte, kwam er ook geen inkomen.
De eerste keer dat wij écht op vakantie gingen, was naar Didim. Een eind rijden vanuit Ankara: bijna 900 kilometer, zo’n 14 à 15 uur onderweg met een oude Mercedes-bus vol mensen. Vijftig, zestig man bij elkaar. En natuurlijk, de belangrijkste passagier: het eten van mijn moeder. Zij kookte alsof we tien dagen zonder winkels zouden moeten overleven: pannen vol börek, köfte, salades, gekookte eieren, brood, kaas. Alles ging mee, netjes ingepakt.
Onderweg maakten we lange stops. De eerste was altijd in Afyon, beroemd om zijn sucuk-broodjes en kaymak met vers kadayif. Terwijl de bus benzine kreeg, de chauffeur thee dronk en de motor afkoelde, haalde mijn moeder haar pannen tevoorschijn. Daar zaten we dan, te eten op een busterminal, tussen de geur van diesel en de drukte van reizigers. En toch: wat een feest.
’s Nachts, half slapend tegen het raam, keek ik naar buiten. Om de paar seconden flitsten de oranje lantaarnpalen voorbij. Die aanblik vond ik magisch – bijna romantisch. Alles voelde spannend: het onbekende, de reis, het vooruitzicht van iets dat ik nog nooit had gezien.
En toen… ergens in de vroege ochtend, na bergen en eindeloze bochten, opeens: de zee. Een glinsterend blauw vlak aan de horizon. Adembenemend. Ik wist niet wat ik zag. Ik kende de zee alleen uit zwart-wit televisiebeelden. Social media bestond niet. En nu lag het er ineens, recht voor me. Blauw, oneindig, krachtig. Vanaf dat moment wist ik: dit werd mijn liefde. Voor de zee, voor palmbomen, voor stranden, voor reizen.
Als ik er nu op terugkijk, veertig jaar later, zie ik het contrast. Tegenwoordig is vakantie vanzelfsprekend. Iedereen vliegt, kinderen leren zwemmen nog voor ze kunnen lopen. Resorts, luxe, alles is er. Maar juist omdat vakanties vroeger zeldzaam waren, waren ze zoveel specialer. Misschien is dát wel de mooiste les van toen: hoe zeldzamer iets is, hoe waardevoller het voelt.
Englis Version
The first time I saw the sea
It was the ’80s and ’90s. I was just a little kid, maybe five or six, growing up in Ankara. Back then, going on vacation in Turkey wasn’t something you could take for granted. No resorts, no all-inclusive packages. If you went anywhere, it was usually a small family hotel, a friend’s summer house, or maybe a bed & breakfast. But first, the family had to decide: Do we even have enough money? How long can we go? My father was an entrepreneur, so when he didn’t work, no money came in.
Our first real holiday was to Didim. Almost 900 kilometers from Ankara – a 14 to 15-hour trip in an old Mercedes bus packed with 50 or 60 people. And of course, the most important passenger: my mother’s food. She cooked as if we were heading to the desert for ten days. Börek, köfte, salads, boiled eggs, bread, cheese – all in big pans, all neatly packed.
The first stop was always in Afyon, famous for its sucuk sandwiches and kaymak with fresh bread. While the bus refueled, the driver drank tea, and travelers stretched their legs, my mother opened her pans. We’d sit there eating, surrounded by the smell of diesel and the noise of the terminal. And yet, it was pure joy.
At night, half-asleep against the window, I watched the road lights flash by every few seconds – orange, orange, orange. For me, it was magical. That mix of exhaustion, excitement, and the unknown.
And then, in the early morning, after mountains and endless curves… there it was. The sea. A glowing blue horizon. I couldn’t believe my eyes. Until then, I had only seen the sea on black-and-white TV. No social media, no glossy images. And suddenly, here it was: vast, endless, powerful. That was the moment I fell in love – with the sea, with palm trees, with beaches, with travel.
Looking back, forty years later, I see the contrast. Today, vacations are easy. Flights, resorts, swimming lessons before kids can even walk. Everything is available. But maybe that’s the lesson: when something is rare, it feels so much more valuable.
Crete 18 aug 2025